Er is een opmerkelijk verschil in beursverwachtingen tussen beleggers onder de 45 jaar en oudere investeerders. Bij de jongere generatie beleggers, onder de 45 jaar, verwacht maar liefst 35% een gemiddeld jaarlijks rendement van minimaal 10%. Bij de groep investeerders van 45 jaar en ouder heeft slechts 10% deze verwachting. Dit blijkt uit een recente enquête van ING.
Wanneer aan de beleggers wordt gevraagd wat de gemiddelde jaaropbrengst van een aandelenbelegging op tien jaar tijd zal zijn, is het algehele gemiddelde 6%. Dat gezegd hebbende, schat 52% van de beleggers het jaarlijkse rendement van een beursbelegging op minder dan 5%.
Bijna de helft van de beleggers heeft een spaar- of beleggingsdoelstelling voor zichzelf of hun gezin opgesteld. Dit is het geval voor de meeste leeftijdsgroepen. Vanaf de leeftijd van 65 jaar heeft echter slechts een kwart van de beleggers nog een spaar- of beleggingsdoelstelling.
Meer dan 70% van de beleggers die zichzelf een jaarlijkse spaar- of beleggingsdoelstelling heeft opgelegd, zou blijven sparen of beleggen om een nog groter bedrag te bereiken, zelfs als het jaarlijkse doelbedrag voortijdig wordt bereikt.
“Beleggers hebben de neiging om hun inkomsten te compartimenteren. Dat wil zeggen dat ze hun professionele inkomen of pensioen beschouwen als het geld dat wordt gebruikt om te consumeren. Inkomen uit beleggingen, dat als het ware in een andere lade ligt, wordt daarom meestal opnieuw geïnvesteerd”, aldus Peter Vanden Houte, de hoofdeconoom van ING.
