Voor de allereerste keer in de Nederlandse geschiedenis, waren er meer betalingen zonder kaart dan met een fysieke betaalkaart. In 2025 werd bijna zestig procent van alle pintransacties uitgevoerd met een smartphone of smartwatch. Dit is een toename van ongeveer 20% vergeleken met 2024, toen iets meer dan veertig procent van de transacties kaartloos was.
Deze gegevens komen voort uit de pinstatistieken van Betaalvereniging Nederland. In totaal hebben Nederlandse kaarthouders vorig jaar 5,83 miljard keer betaald met hun betaalmethode in Nederlandse winkels en horeca, wat resulteerde in een totale omzet van €150 miljard. Het aantal transacties steeg met 1,2%, de omzet met 2,2%. Supermarkten waren verreweg de grootste categorie, met meer dan een derde van alle pinbetalingen. De horeca was verantwoordelijk voor één op de zeven transacties.
Het gebruik van de fysieke betaalpas, die daadwerkelijk in de pinautomaat wordt gestoken, neemt gestaag af. In 2025 was dit het geval bij minder dan 5% van alle pintransacties; in 2024 was dit nog meer dan 6%.
Nederlanders kiezen er vooral bij grotere bedragen nog wel eens voor om hun pas in te steken: de gemiddelde transactiewaarde bij een ingestoken pas is ruim €51, vergeleken met bijna €25 bij contactloos betalen. Bij autobedrijven is het verschil het meest opvallend: met een ingestoken pas wordt daar gemiddeld bijna €702 afgerekend, terwijl dit bij contactloos betalen gemiddeld €94 is.
