Bank- en verzekeraar KBC heeft haar beleid aangepast en sluit niet langer investeringen in kernwapenproducenten uit. De wijziging komt voort uit de noodzaak dat Europa zelf verantwoordelijk wordt voor haar nucleaire defensie.
Voorheen stond investeren in defensiebedrijven op gespannen voet met het duurzaamheidsbeleid van veel banken. De recente ontwikkelingen in Oekraïne hebben echter geleid tot een herbeoordeling binnen de sector.
Vorig jaar heeft KBC haar standpunt veranderd en besloten om financiering, verzekering en advisering aan defensiebedrijven en wapenindustrie-activiteiten toe te staan. Hierbij wordt wel de eis gesteld dat het om bedrijven gaat die gevestigd zijn in een van de thuismarkten van KBC, en dat de verkoop bedoeld is voor legers en politiediensten in NAVO-landen of Oekraïne. Internationaal verboden of controversiële wapens blijven uitgesloten.
Een jaar later heeft KBC haar beleid opnieuw aangepast en staat nu ook investeringen toe in bedrijven die inkomsten genereren uit de productie of het onderhoud van kernwapens. Specialisten in kernwapens van buiten NAVO-landen en van buiten Zwitserland, Oostenrijk en Ierland blijven echter uitgesloten.
“Bedrijven die uitsluitend betrokken zijn bij de productie van nucleaire wapens worden niet meer uitgesloten”, bevestigt Filip Ferrante, hoofd duurzaamheid bij KBC. Hij benadrukt dat bedrijven betrokken bij de productie van controversiële wapens nog steeds worden uitgesloten. Hieronder vallen clustermunitie, biologische of chemische wapens en antipersoonsmijnen.
Deze beperkingen worden door de bank echter niet opgelegd aan haar klanten. Beleggers die hun eigen portfolio beheren bij KBC kunnen dus nog steeds handelen in aandelen van bedrijven die op de zwarte lijst van de groep staan.
De drie andere grote Belgische banken – BNP Paribas Fortis, ING België en Belfius – maken in hun defensiebeleid ook onderscheid tussen conventionele en controversiële wapens.
