De Nederlandsche Bank (DNB) heeft besloten om de minimumvereisten voor eigen vermogen en in aanmerking komende verplichtingen, oftewel de MREL-eisen, voor Triodos Bank te laten vallen. Na het uitvoeren van een zogenoemd ‘Public Interest Assessment’, concludeerde de toezichthouder dat een reguliere faillissementsprocedure voldoende zou zijn voor de duurzame bank, zonder dat er een aparte resolutiestrategie noodzakelijk is.
MREL-eisen zijn voorschriften die bepalen dat een bank een minimale hoeveelheid direct opeisbaar kapitaal moet aanhouden in de vorm van achtergesteld schuldpapier. Deze regelgeving is ontworpen om ervoor te zorgen dat, in het geval van een faillissement, investeerders de verliezen dragen in plaats van de belastingbetaler. DNB stelt deze eisen aan banken waarvan een mogelijke ineenstorting het financiële systeem zou kunnen verstoren. Volgens de toezichthouder valt Triodos Bank niet langer in deze categorie.
Dit besluit van DNB heeft geen betrekking op de financiële staat of het risicoprofiel van Triodos. De bank rapporteerde per 31 december 2025 een Tier 1-kapitaalratio (CET1) van 17,4% en een totale kapitaalratio van 21,2% – ruim boven de door DNB opgelegde kapitaaleis van 13,02%.
Triodos voldeed ook aan de nu opgeheven MREL-eisen, met een MREL-ratio van 31,0% voor risicogewogen activa, tegenover een vereiste van 21,7%.
Triodos heeft positief gereageerd op het besluit. De bank is van mening dat dit de kapitaalstructuur vereenvoudigt en beter laat aansluiten op de omvang en het risicoprofiel van de organisatie. Het verwijderen van de eisen vermindert ook de administratieve lasten en elimineert de noodzaak om MREL-obligaties uit te geven.
Triodos heeft een balanstotaal van ongeveer €17,5 miljard, vergelijkbaar met andere kleinere Nederlandse banken.
