Bij het zien van deze recordprijzen vragen veel beleggers zich af of we hier met een bubbel te maken hebben of dat het simpelweg een inhaalslag is. Is dit wellicht een historische correctie waarbij goud eindelijk de waarde herwint die het decennialang niet heeft gekregen?
Sinds de jaren ’90 waarschuwt de Gold Anti-Trust Action Committee (GATA) dat de goudprijs kunstmatig laag wordt gehouden door Westerse overheden en centrale banken, met name die van de VS en het Verenigd Koninkrijk. Door middel van goudleasing, swaps en shortposities zouden deze entiteiten de prijs decennialang structureel hebben onderdrukt om het vertrouwen in fiatgeld te beschermen. Een stijgende goudprijs signaleert namelijk een dalend vertrouwen in papiergeld, en in het bijzonder in de Amerikaanse dollar.
De goudmarkt, die jarenlang functioneerde op basis van papieren beloften, draait nu om fysiek bezit. Dit werd vorige zomer nog benadrukt door de ECB in haar Financial Stability Review. Hierin erkende de centrale bank voor het eerst openlijk dat goud de ultieme veilige haven is in tijden van systeemstress. Bovendien constateerde de centrale bank dat beleggers steeds vaker fysieke uitlevering eisen in plaats van papieren blootstelling via ETF’s of derivaten.
Deze verschuiving van papier naar fysiek zet het hele monetaire bouwwerk onder druk. Zolang goud vooral digitaal wordt verhandeld, kunnen centrale banken met een kleine hoeveelheid fysiek goud een veelvoud aan claims afdekken. Nu meer partijen daadwerkelijke levering eisen, breekt die hefboom.
De signalen van een tekort nemen toe. De Bank of England leverde eerder dit jaar met vertraging goud aan bewaarinstellingen. Hierbij duurde het maanden voordat haar eigen verslag over de goudreserves beschikbaar was.
Daarnaast zien we ook beweging in de private sector. Het Belgische metaalbedrijf Umicore, een grote speler in de Europese goudmarkt, heeft aangekondigd zijn permanente goudvoorraad te verkopen en terug te leasen.
Wereldwijd is de vraag naar goud de laatste jaren sterk toegenomen. Dit heeft te maken met de toenemende onrust in de wereld, zoals de oorlog in Oekraïne. Dit heeft geleid tot meer druk op de neutraliteit van de dollar en de euro, waardoor meer marktpartijen hun toevlucht zoeken in goud als neutrale reserve.
Voor de GATA is dit geen toeval. Naarmate meer partijen fysiek goud opeisen, wordt zichtbaar hoe groot de kloof is tussen papieren beloften en daadwerkelijk beschikbare voorraden.
Alles wijst erop dat de goudprijs niet stijgt ondanks centrale banken, maar juist dankzij het feit dat hun greep verslapt. Het tijdperk van papieren goud lijkt ten einde te lopen. De realisatie dat de werkelijke bubbel in ons fiatgeld en in de markt van staatsobligaties zit, en dat goud de tegenpool is waar het kapitaal in de toekomst naartoe zal stromen, blijkt steeds duidelijker.
