De regering-De Wever plant om de begroting van 2026 te spekken door bijna 500 miljoen euro te innen van slapende rekeningen. Dit betreft geld dat vijf jaar lang onaangeroerd op een bankrekening of in een verzekering heeft gestaan en waarvan de financiële instelling de rechtmatige eigenaar niet kan traceren. Het kan ook betrekking hebben op geld van een verloren of overleden begunstigde, waarbij er geen bekende gerechtigde is voor een terugbetaling, of die persoon niet kan worden opgespoord.
Sinds 2008 is er een wet die financiële instellingen verplicht om slapende tegoeden over te dragen aan de Deposito- en Consignatiekas (DCK) bij de Federale Overheidsdienst Financiën. Voordat ze dit doen, moeten ze een wettelijke procedure volgen om de eigenaar te vinden. Eenmaal ondergebracht bij de DCK, hebben burgers 30 jaar de tijd om het geld alsnog op te eisen. Via MyMinfin kan elke Belg voor zichzelf of een familielid nagaan of hij een slapend tegoed heeft bij de DCK.
De regering-De Wever wil deze verjaringstermijn nu inkorten van 30 naar 10 jaar voor verloren begunstigden en naar 5 jaar voor slapende rekeningen. Daarnaast zal er geen rente meer worden aangeboden op de slapende tegoeden, die momenteel nog 2 procent bruto bedraagt. Wie geen toegang heeft tot het online platform MyMinfin kan de vraag ook schriftelijk stellen via slapenderekeningen.be.
Een nieuwe maatregel maakt het nog belangrijker om te voorkomen dat uw geld slapend wordt: slapende tegoeden met saldi lager dan 250 euro worden bij overdracht aan de DCK automatisch aan de schatkist toegekend, zonder verjaringstermijn. Hoewel financiële instellingen u zullen contacteren voordat het geld wordt overgedragen aan de DCK, is het raadzaam om zelf eventueel ‘vergeten’ rekeningen op te sporen. Dit kan door een overzicht aan te vragen van al uw rekeningen en contracten bij financiële instellingen. Hiervoor kunt u terecht bij het Centraal Aanspreekpunt (CAP) van de Nationale Bank.
